zaterdag 9 november 2013

(Eastern) Roadtripping tot in Palmerston North

Ik had ondertussen dus afscheid genomen van al mijn reisgezellen en was terug op mezelf aangewezen. Ik ging opnieuw naar Rotorua, geothermisch zeer actief, ik was er al in een hotpool geweest, maar ik wou er zeker nog een park gaan bekijken. Ik was echt into het kamperen, en dacht dat ik die avond alleen in mijn auto zou slapen, maar het afscheid viel mij toch zwaarder dan ik dacht (we hadden een afscheidscd gekregen van Juan, met de liedjes waaraan we herinneringen hebben), dus besliste ik toch maar een nachtje in een hostel te logeren waar je nog wat contact hebt. De volgende dag wou ik naar een park gaan, en kreeg ik nog wat informatie in de hostel. Rotorua is 1 en al toerisme, het gaat allemaal over de geothermische activiteit, of de maori cultuur. Ik was zelf een beetje sceptisch over die Maori activiteiten, al die shows met dansen en kostuums gebeurt niet meer echt, en is gewoon voor de toeristen. Maar in de hostel zeiden ze mij dat er een maoridorp is dat leeft op die geothermische zone, die zich daaraan aangepast hebben, en waar ze ook gidsen hebben en het dus niet enkel om die culturele show met het dansen draait. Toen ze mij dan nog eens over korting vertelden dacht ik het toch maar te proberen. Die nacht besefte ik dat een eigen auto eigenlijk echt een luxe is, dat is uw privékamer overal, want bij mij in de kamer sliep iemand die zooohard snurkte dat goed slapen er niet inzat die nacht!


De volgende dag ging ik eerst naar het geothermisch park Wai-o-tapu, de lady knox geyser, barst dagelijks uit om 10 u smorgens, dus op tijd zijn is de boodschap. Ik vond het al gek dat ze daar zo een precies uur op konden plakken. Ik was er op tijd, en hoorde twee mensen nederlands praten, gemakkelijk om zo een link te leggen dus geraakten we aan de praat. Het was een koppel op hun huwelijksreis, iemand van Brasschaat (met het typische accent :-) ) en de andere van de Limburg. Om 10 u barstte de geyser niet uit, maar kwam er iemand aan met zeep en een micro. De man gaf ons wat geschiedenis uitleg, en begon dan over de geyser. Ze stimuleren het effect van een gyser uitbarsting met zeep, hij zei het zelf ook, sommigen denken misschien, dat is niet echt, maar lady knox barst uit zichzelf ook uit, elke 48 u ongeveer. Maar toch, dit was niet hetzelfde voor mij, je kapt er zeep in en dan blijft ie spuiten voor 15 min zodat iedereen er mooi foto's mee kan nemen, neenee bibi niet! Gelukkig was er nog een heel park bij waar je alle verschillende kleuren (mineralen) van vulkanische activitieit kan zien. Deze wandeling deed ik samen met het belgisch koppel, dit was wel echt chique om te zien. 

Samen met het kersverse huwelijkspaar in het geothermisch park 

De beroemde Champagne Pools 

Nadien nam ik alweer afscheid van het kersverse huwelijkspaar en ging ik naar het Maoridorp. Het begon met een show met dansen en zingen en een verwelkoming, en onder andere ook de haka. De haka was een oorlogsdans die de Maori uitvoerden voor ze ten oorlog gingen om de etgenstander onder de indruk te maken, zoda ze utiendelijk niet zouden moeten vechten. Een tactiek die vandaag de dag nog gebruikt wordt door het nationaal rugbyteam van Nieuw-Zeeland (de Allblacks -  http://www.youtube.com/watch?v=SUFsL6o8y5s). Na de show waarbij we ook wat Maori woorden leerden begon de rondleiding. Dit vond ik super interessant, het is gek, deze mensen wonen op hotspots, maar zijn daar aan gewoon. Ze koken hun groenten in het stomend mineraalwater dat aan de oppervlak komt, ze maken ovens met de ondergrondse hitte, hebben natuurlijke hotsprings, ... Dit was het zeker en vast waard, tegelijkertijd leerde ik ook heel wat over de Maoricultuur, waar ik eigenlijk nog bijna niets van afwist tot ervoor, terwijl dit toch een belangrijk deel geschiedenis is van Nieuw-Zeeland. Het werd afgsloten met nog drie geysers (Te Puia) die we konen zien. Ditmaal zonder zeep, en echte natuurlijke geysers. After all had ik dus toch nog natuurlijke geysers gezien.
De (natuurlijk uitbarstende!) Te Puia geysers 

Maori culturele show 


Na die vorige snurknacht ging ik die nacht toch maar terug voor een camping, Matatata camground, ditmaal ging ik alleen in de auto slapen, voor de eerste keer. Voor mij alleen heeft het niet veel zin de tent op te zetten, terwijl ik een grote auto heb. En dat was eigenlijk best angenaam, na zoveel dagen met jongens in een auto te leven en in een tent te slapen was even op mijn eentje eigenlijk wel een verademing :-) . De camping was opnieuw aan een prachtig strand. De volgende morgen ging ik lopen op het strand en pakte ik rustig alles bijeen en ging ik richting Whakatane, waar ik ging verblijven bij een vrouw die ik had leren kennen op de bus naar het skigebied. In Whakatane wou ik echter eerst nog een wandeling maken, een coastal walkway. Op de borden stond aangegeven dat het inzeven uur gedaan wordt, maar de man van het informatiecentrum zei mij dat ik het wel in vier uur zou kunnen. Geflatteerd vertrok ik dan maar :-) . Wat een prachtige wandeling, eerst een uitzicht over Whakatane, en dan over de kust en aan de andere kant Ohope beach. Niet helemaal zeker of de man van het informatiecentrum hoogtij juist had gecheckt, want op een bepaald moment moest ik toch wel redelijk hard klimmen. :-). 


Matata Beach 

Coastal walkway Whakatane 

Coastal walkway Whakatane

Nadien dan op naar Jo, de vrouw die ik had leren kennen op de bus naar Whakapapa. Ik werd er heel goed ontvangen door Jo, en haar man Charels. Ik had een super grote kamer met eigen sanitair en dubbel bed beneden in het huis. Het was vrijdagavond, en Jo ging op bezoek naar haar vrienden voor een glaasje wijn. ik ontmoette Sylvia, schoolvriendin van Jo, en haar man Mike, ook een geograaf. Al snel kreeg ik heel wat lectuur over geografie en vulkanen in Niew-Zeeland. Gezellige avond, het was supergoed weer, en de sfeer deed mij zwat aan Broechem denken, gezellig samen iets drinken met vrienden die allemaal niet zover van elkaar wonen. De volgende morgen hadden Jo en haar vriendinnen een garage sale, zoals bij ons een rommelmarkt, maar dan enkel met de spullen van zij die het organiseren, en bij hun thuis. De volgende morgen vroeg opstaan dus, de garage sale begon om 8.30. We waren alles aan het klaarzetten, miervrij maken (grote plaag hier precies), en de eerste persoon kwam al om 7.15. Tegen de officiele starttijd was er al heel wat weg. Grappig wat sommige mensen nog mee naar huis nemen. Nadien waren we nog wat aan het napraten, en Mike had me de dag ervoor al gezegd dat er een mountaibike parcours was. Toen hoorde ik ook dat het wel 90 km was de loop die hij wou doen. Als toch een-niet-zo-getrainde mountainbiker zou dat  een grote uitdaging zijn voor mij in dit heuvelachtige landschap. Sylvia zei mij dat het toch wel wat zot was, maar Mike en Jo zetten mij aan om het te doen. En ik dacht waarom niet, ik ben hier nu, en ik kan al het materiaal hier lenen. Mike zei mij ook dat ik hun 'ginnypig' was, om te kijken wat een toerist die niet gewoon is aan mountainbiken, ervan vond (het was zijn project). In de namiddag maakten we nog een wandeling in Opotiki, met superuitzichten over de stranden. Die avond gingen we naar de cinema, Mr. Pip. De 'cinemazaal' telde een stuk of 8 rijen, met een 6tal stoelen per rij. Het was een hele confronterende film, over het conflict in Papoea Nieuw Guinea van een Nieuw-Zeelandse auteur. Een echte aanrader! 



Op de top van de eerste heuvel - met Mike en Fred
Zo gezegd zo gedaan, de volgende morgen vertrokken we dus op onze mountainbike trip. Ik had van Charles zo een broekske me ne pamper in kunnen lenen (zeer content mee geweest achteraf) en we begonnen eraan. Jim (superfitte man) en Celena (mama, en ervaring in mountainbiken) gingen met ons meegaan.Het eerste deel van de loop was de 'dune trail', het gemakkelijkste deel, klein beetje op en neer langs .... (jep! de duinen :D). Lachen deed ik daarna echter iets minder toen ze mij zeiden dat we de heuvels ingingen. Denkend aan mijn 'ervaring' in de Ardennen was ik er toch nog steeds van overtuigd dat het wel ging meevallen. Het mountainbiken was op een gravelweg, en de eerste heuvel was direct een serieuze, gestegen tot een goede 4-500 meter. Ik ben bovengeraakt, op mijn eigen tempo, hoewel ik wel denk dat de mannen boven ne goeie koffieklets hebben kunnen houden, maar ik zou niet opgeven. De vriend van Celena, Fred was er ook bij met hun dochtertje, zij waren met de auto, Celena wou liever niet de bergop rijden en kapot zijn 's avonds. Ik had dus heel de tijd de optie om de mountainbike vanachter in de laadbak te smijten en vals te spelen. Maar ik wou me absoluut bewijzen! Onderweg heb ik toch eens even gedacht: dus zo moet het voelen om de Mont Ventoux op te rijden ;-). Tegen het einde kwam Jim terug naar beneden gereden (zoals gezegd, superfitte man) om te zien of alles ok was, en om mij het laatste stukje te begeleiden. Met applaus kwam ik boven aan, eens daar vroeg ik dus of dit 'de heuvel' was, en dat hadde ze slimgezien, mij dan pas zeggen dat er nog twee kwamen. Eerst wat afdalen, en dan opnieuw een heuvel op, gevolgd door de laatste, de ons uiteindelijk tot 600 m bracht. Supermooi landschap, in een verlaten vallei. Jim kwam mij onderweg vanalles vertellen over de omgeving. Mijn enthousiasme was wat afhankelijk of we bergop of bergafgingen :-) . Na de laatste heuvel begonnen we aan de afdaling, eerst nog een deel langs de gravelweg, en dan een echt mountainbikepad in, het technisch moeilijkste deel van de loop. we daalden af langs de oevers van de rivier, supermooi, met altijd ofwel links ofwel rechts de afgrond naar de rivier, prachtig. Eens beneden aangekomen wachtte ons nog een twntigtal km over de weg terug de stad in. Na enkele kilometers kwam Fred ons echter tegemoet en opteerden we dus toch maar voor een lift.
Laatste deel van de killer loop - in een riviervallei, met een leuke swing bridge! 
In totaal was de balans een goede 70 km, waarvan 700m omhoog. Achteraf was ik toch heel trots. Die avond hadden Sue en Mike ons uitgenodig te komen eten, en de rugbymatch te kijken die we de avond voordien gemist hadden omdat we in de cinema waren. Taco's en champagne (en de prestatie van die dag) was genoeg om mij tegen het einde van de match toch te doen indommelen in de zetel.

De volgende dag stond er echter een nieuwe belangrijke dag voor de deur. Voor de kust van Whakatane ligt White Island, de enige mariene actieve vulkaan in Nieuw-Zeeland. Een must-do dus voor mij. De volgende morgen toen ik op de boot stapte hoorde ik opnieuw Nederlands, ditmaal niet uit Belgie. Opnieuw geraakte ik zo gemakkelijk aan de praat met een Nederlands koppel. Ze waren in de 50, en aan het reizen zoals backpackers. Dat vond ik zalig, ze hadden evenveel bagage meegenomen voor 3 maanden rondreizen in Nieuw-Zeeland zoals elke backpacker zou doen, en een auto gehuurd, maar ook geen planning. Gewoon doen elke dag wat ze wilden, zalig, ik hoop dat ik nog hetzelfde doe als ik die leeftijd bereik. De boottrip naar White Island was een goede anderhalf uur. Heel de tijd zat ik rond te kijken op zee, op zoek naar dolfijnen/walvissen/orka’s/.. , maar we hadden geen geluk, enkel een zeehond die aan het rusten was met zijn vin boven water. 
White Island was net die week van een level 1 alert status naar een level 2 gegaan. Dit wil zeggen dat het actiever is, en dat er een kans is op uitbarsting. Eens op het eiland aangekomen was ik ook echt onder de indruk van de kracht die je voelt en ziet van deze vulkaan. Ik vroeg mij ook echt even af of dit wel een slimme beslissing was geweest. We kwamen aan land en de gids begon ons wat uitleg te geven. We hadden ook een helm en een gasmasker gekregen. Er waren nog restanten te zien van een zwavelmijn. Wie haalt het nu in zijn hoofd om op een vulkaan te gaan wonen en daar zwavel te ontmijnen? Overal waren de gekleurde mineralen te zien, en stomende vents. We konden zelfs het kratermeer van de main crater niet zien omdat die zohard aan het stomen waren. Als geograaf weet ik wel de basis van vulkanen, maar ik ben er niet in gespecialiseerd, maar wel heel hard in geinteresseerd. Ik was dus wel verbaasd dat de gids geen geoloog was, hoewel die wel al veel ervaring had in deze vulkaan. Toen ik hem vertelde dat het superinteressant was voor mij omdat ik geograaf was, was het enigste wat hij zei: “ah cool”. Ik was wat teleurgesteld in het bedrijf en de gidsen. Ik had het gevoel alsof ze de vulkaan enkel als toeristische attractie bekeken, en er eigenlijk niet al teveel van afwisten en het niet met respect behandelden. Ik betwijfel het ten zeerste dat moest hij uitgebarsten zijn terwijl ik daar was, zij ons in veiligheid gebracht zouden kunnen hebben. Ik had gewoon wat meer verwacht voor dat geld, maar ik heb wel white island gezien!  Eens terug op het vaste land dronk ik nog ‘een bakkie koffie’ (voor mij dan een cola light ;-)) met de twee nederlanders, en nadien terug naar Jo.
White Island - geothermisch actieve vulkaan 
White Island 
White Island in zijn gehele schoonheid  
Ik had het zo naar mijn zin bij Jo en Charles dat ik eigenlijk niet wou vertrekken (Jo noemde mij haar ' belgian daughter' ). Maar ik had ondertussen al een job in Palmerston North met iets van geografie, en ik zou er moeten zijn tegen eind oktober. Veel tijd was er dus niet meer, en er waren nog enkele dingen die ik wou doen op weg naar daar. Ik bleef dus nog een dag langer bij Jo en Charles, om nog even te relaxen, voor ik weer verder reisde. Van hun plaats is het mogelijk een shortcut te doen naar de andere kant van de East Cape, ofwel kan je er helemaal rondrijden. Ik wist niet goed of het wel de moeite was om er helemaal rond te gaan, maar wat is er beter dan locals die u informeren? Jo en haar vrienden zeiden mij dat het heel hard de moeite is, zij hadden het ooit met de fiets gedaan. Charles is 65 jaar en doet nog elk jaar een andere cursus aan de universiteit om zijn hersenen actief te houden, zeer interessant om met hem te praten. Ik had een heel interessant gesprek met hem over geografie en duurzaamheid etc... (Hij trekt verdacht hard op prof. Govers, was dus grappig om met hem over geografie te praten!)
Jo en Charles, mijn hosts voor een kleine week - bedankt voor al de zalige momenten 
Maar de volgende morgen was het dus alweer tijd om afscheid te nemen, en ik vertrok op mijn reis rond de East Cape. Het was een zalig gevoel, je wist echt dat dit ‘off the beaten track’ was. Op de eerste camping waar ik verbleef, was er nog 1 andere campervan buiten mij. Het was wel alsof ik aan het terugreizen was door de tijd, de dorpen die ik tegenkwam waren voornamelijk Maoridorpen, met de bijhorende cultuur. Ook hier was er opnieuw een seinhuis, naar daar wandelen is het meest oostelijk punt op de wereld, de eerste plaats die elke ochtend de zon ziet. Ik ben er niet met zonsopgang naartoe geweest maar wel in de namiddag. Supermooi, zo verlaten en ongelofelijk mooie stranden onderweg. Hier waren vroeger ook wat havens en industrie, dus ook oude aanlegsteigers.

Oude aanlegsteiger in Hicks Bay 
Strand op weg naar de East Cape 

East Cape seinhuis 

Aanlegsteiger in Tokomaru Bay 
Zonsopgang op 25 oktober - 1 van de eersten op aarde om dit te zien
Die avond sliep ik opnieuw op een camping op het strand (zeer normaal hier!), en dit keer had ik wel mijn wekker gezet om als 1 van de eerste op 25 oktober de zon te zien. Mijn wekker ging af en ik keek naar de mooie zonsopgang, maar ik ben toch nog even terug ingedommeld. Nadien ging ik opnieuw wandelen. Onderweg kwam ik mensen van DOC (Department of Conservation) tegen. Alleen wordt je altijd zoveel gemakkelijker aangesproken, en gebeurt een gesprek ook veel sneller. Ik wou graag ergens (vrijwilligers)werk doen voor DOC. Ik vertelde dit dus ook tegen David waarmee ik aan de praat geslagen was, en die gaf mij zijn e-mailadres en zei me dat ik mijn cv maar moest doorsturen en dan kon hij zien wat hij kon doen. Zalig, die toevallige ontmoetingen die opnieuw kansen doen ontstaan.  Later die dag deed ik nog een andere wandeling, de Cook’s Cove Walkway, naar de plaats waar captain Cook aan land is gekomen en water etc heeft bijgevuld. Het was een perfecte dag, en de wandeling was supermooi. Uitzichten over de kust, en een ander ‘hole in the wall’. Alweer, super verbaasd over die mooie landschappen hier in Nieuw-Zeeland.
Uitzicht over Tolaga bay
Hole in the wall 

Uitzicht over Cooks Cove - de landingsplaats van kapitein Cook in 1769 
Die dag wou ik nog doorreizen tot in lake Waikaremoana. Gisborne, de stad, liet ik dus voor wat het was en ik reed door tot het meer. Jo had mij gewaarschuwd, als het ergens slecht weer is, is het daar. Dus ja inderdaad toen ik daar aankwam was het aan het regenen. Ik was ondertussen op een strak tijdsschema, ik kon er maar 1 dag blijven, de volgende avond wou ik al in Hastings zijn. Lake Waikaremoana is supermooi, 1 van de great walks loopt rond het meer. Maar tijd om enkele dagen aan een stuk te wandelen had ik dus niet. Op de camping hadden ze mij wel enkele andere suggesties aangeraden, die in 1 dag te doen waren. Ik wandelde dus naar lake Waikareiti, gecreeerd door een landslide. Supermooi, helder meer. Onderweg kwam ik nog enkele meisjes tegen waar ik mee aan de praat raakte. Ook backpackers die samen een busje hadden gehuurd. Een Canadese, Franse en een Duitse. Leuk om de wandeling met hun samen te doen. Nadien ging ik nog door naar een waterval en een uitzichtspunt. Toch nog wat gezien, hoewel de wandeling naar dat andere meer vooral door het bos was. Dat is ook mooi, maar ik wandel toch vaak voor de uitzichten ;-).
Lake Waikareiti 
Lake Waikaremoana
Die avond reed ik dan nog door tot in Hastings, waar twee vrienden van in het skigebied aan het werken waren in een boomgaard. Ze hadden nog een bed vrij in hun kabine, dus ik kon er verblijven.
Na enkele dagen alleen op pad geweest te zijn was het wel leuk nog eens wat bekende mensen terug te zien. Samen enkele pintjes drinken en bijpraten. Hier was opnieuw een mooi uitzichtspunt, Te Mata Peak. Stefan en Lucas zeiden mij dat het de moeite was, dus ik was alweer onderweg. In plaats van mijn auto op de hoogste parking te parkeren, uit te stappen, foto te nemen en terug te gaan, wou ik er toch wat voor werken. Dus ik parkeerde mij op de middelste parking en wandelde het laatste stuk. Het uitzicht was magnifiek, 360 graden! 


Uitzicht vanop Te Mata Peak - Hastings 

De volgende dag was het feestdag, Labour Day. Napier, een andere stad vlakbij was naart schijnt ook de moeite. Toen die rond 1930 werd verwoest, en nadien werd herbouwd, was Art Deco de kunst. Vele gebouwen hier zijn dus in die stijl gemaakt, eindelijk eens een Nieuw-Zeelandse stad die wat karakter, en iets unieks heeft, en niet exact zoals alle andere steden is. Ook al was het feestdag, vele kledingwinkels waren open, en het waren zelfs solden. Het was lang geleden, maar het deed echt deugd om zo is wat rond te slenteren, en me toch is iets nieuws aan te schaffen.


Lukas en Stepan (Tsjechen) in Hastings

Dinsdag, 29 oktober, vertrok ik dan naar Palmerston North. Hier zou ik werken aan Massey university. Ik had echter twee dagen ervoor een e-mail gekregen van Karoly Nemeth, de dr. waarmee ik ervoor had gemaild, dat hij het superdruk had gehad en de week nadien voor een maand vertrok en dus niet goed wist wat de mogelijkheden nog waren. Ondertussen had ik me er wel wat op ingesteld, dus ik hoopte maar dat ik nog altijd iets kon doen. Woensdag had ik een afspraak met hem om te bekijken wat de mogelijkheden waren. Dinsdag heb ik dus ook hier nog eens wat rondgewandeld door de winkels. Alle Nieuw-Zeelanders die ik had gezegd dat ik naar Palmerston North ging zeiden me dat het geen mooie stad was, en dat het vaak slecht weer is, heel plat, enz... Maar ik vond het meteen aangenaam als ik hier aan kwam, je voelt meteen dat het een jongere stad is, met veel studenten, en dat deed me wat aan Leuven terugdenken. Er was zelfs een echt shopping center! (Niet vergelijkbaar met Wijnegem, maar in vergelijking met wat ik hier al gezien heb, serieus gesoffisticeerd!) Ik zag dat dus wel zitten om hier langer te blijven. Die avond sliep ik in een hostel, aangezien ik totaal geen idee had of ik hier zou kunnen werken of niet.  In de hostel ontmoette ik drie jongens die op trekking waren door heel Nieuw-Zeeland. Er loopt blijkbaar een wandelpad van het noordelijk puntje tot het zuidelijk puntje, en zij waren dit aan het wandelen. Ze hadden al meer dan 1000 km gewandeld, zot! Maar wel zalig, ik vond het geweldig om hun verhalen over stieren en koeien etc. aan te horen. Goed gelachen ook ’s avonds en nog wat cava gedronken, ik hoop ze nog is tegen te komen, echt toffe mannen! 

De volgende dag was het dan de grote dag, ik ging naar de universiteit en was zelfs een beetje zenuwachtig. Massey university leek behoorlijk groot, mijn weg vinden op de campus was toch niet zo gemakkelijk als ik dacht.  Dan ging ik naar dr. Karoly Nemeth, een super sympathieke man die ook al direct mopjes maakte. Hij stelde me direct voor aan alle doctoraatsstudenten, en met elke persoon die ik ontmoette waren er meer en meer mogelijkheden. Iedereen was zeer geinteresseerd en enthousiast om mij mee te nemen als ze op terrein gingen. Op een bepaald moment kwam er zelfs iets betalends mogelijk, als ik de stalen van hem zou zeven terwijl hij weg is, zou ik betaald kunnen worden, voor ongeveer 20 uur per week. En tegelijkertijd zou ik hier in de buurt zijn zodat ik altijd nieuwe dingen kan leren, en mee op terreinwerk kon met iemand. Zalig dus. Tijd voor mij om dus een plaats om te verblijven te zoeken. Aangezien ik ook maar 20 u per week betaald zou worden zou ik best nog een andere job zoeken ook. Ik had in de stad al een cafe gezien waar een uithangbord van Stella hing, en de sfeer stond mij hier ook aan. Ik liep er langs en ik dacht, ik kan altijd eens proberen. Dus ik stapte binnen en vroeg of ze er toevallig op zoek waren naar iemand. De vrouw, Anne, zei ja eigenlijk wel dus vroeg of ik kon terugkomen later die namiddag met mijn cv. Zo gezegd zo gedaan, dus had ik een interview. Anne was een supersympathieke madam, ze vroeg wat over mijn ervaringen en dan begon ze over mijn sjaal. Ik dacht altijd dat ik toch wel ne fan van sjaals was (hoewel ik nog wel meer fanatiekelingen ken), maar zij heeft lege behangrollen in haar gang thuis waarop ze haar sjaals uitstalt! De volgende dag moest ik terugkomen om is een testrun te doen, om te zien of ik hier paste. Die avond had ik ook twee afspraken om een kamer te gaan bekijken. Het eerste huis waarnaar ik ging kijken stond me meteen aan. Het was goedkoop, en het was een echt huis, met grote living en keuken, twee badkamers, parkeerplaats etc. Maar het belanrijkste voor mij was dat de kamer bemeubeld was, aangezien ik geen bed bij mij had in minj  auto :-) . Er waren ook fietsen de niet gebruikt werden, waarvan ik dan wel eenzou kunnen gebruiken om naar massey te fietsen. Ik wou dus eigenlijk wel meteen ja zeggen, maar ik had nog een afspraak, wat later op de avond. Ik nam een kijkje in dat huis, maar besefte meteen dat ik me hier niet zo op mijn gemak zou voelen. Ik had nog geen overnachtingsplaats voor die avond, ik was eerst van plan trug naar e hostel te gaan. Maar Don, de eigenaar van het eerste huis zei dat ik gerust al daar kon blijven slapen, op de zetel wel want er waren nog spullen van het andere meisje in de kamer. 
Ik was wat in de war, want kon het moeilijk geloven dat alles zo goed en snel uitdraaide. Ik had de volgende dag nog twee afspraken om naar een huis te gaan kijken, maar na wat twijfelen besliste ik toch om naar dat eerste huis te gaan, waarom blijven zoeken als je al iets gevonden hebt wat je een goed gevoel geeft. 

Ik trok dus in bij Don, 42 jarige man, en Alice (Ali), 28 jarige student. Don is een echte Don zoals zijn naam het beschrijft. Voor ik ging gaan proberen in het biercafé the Grand had ik wat zenuwen. Mijn laatste ervaring in het skigebied was niet zo geweldig, ik vond het allemaal wat onpersoonlijk en wist niet meer goed of het wel echt iets voor mij was om in een bar te werken. Maar mijn trialrun in the grand was goed. Stella en Hoegaarden van de tap, en Leffe in flesjes, voelt een beetje als thuis. Bij mijne eerste stella van de tap had ik me direct goe bewezen! Ze zeiden me: als jij wilt, hebt ge de job! De collega's en sfeer stond me heel hard aan, dus zei ik ja. Ook een perfecte aanvulling op mijn werk aan de unief, ik zou hier wo, do, vr en zaterdagavond kunnen werken. 
The Grand - vanbuiten - mijn nieuwe werkplek

Toen ik de volgende mogen dus terug naar de unief en Karoly ging, was hij onder de indruk hoe snel ik alles in orde had gebracht. War ik twee dagen ervoor zelfs niet wist of ik in Palmy zou kunnen blijven had ik nu al een verblijfplaats en twee jobs. Ik was ook al langsgeweest bij een interimkantoor oor een job op zondag in een magazijn, kleding strijken en opvouwen. Ik bedacht me dat ik het liefst zoveel mogelijk geld zou verdienen tijdens mijn tijd hier in Palmy, zodat ik hopelijk niet meer moet werken op het Zuideiland en gewoon kan genieten.

De eerste dag op de universiteit, leerde Anja (Duitse) mij hoe ik vulkanische stalen moest zeven (voor zij die niet geïnteresseerd zijn in de technische uitleg-skip deze paragraaf). De geologen gaan dus op terrein en nemen stalen uit lagen of plaatsen de interessant zijn. Maar hierin zitten zowel grotere stenen als kleinere korrels. Wat ik dus moet doen is deze opsplitsen in categorieën van dezelfde grootte met behulp van zeven.  Nadien weten ze hoe groot het aandeel is van welke korrelgrootte en hieruit kunnen ze besluiten trekken over de aard van de uitbarsting. Het heeft toch wel vier u geduurd om het eerste staal te zeven. Waar wij in Geografie een trillend machien gebruiken, doen ze het hier zeef per zeef manueel, om zo precies mogelijk te zijn. En des te kleiner de deeltjes en dus ook gaatjes in de zeven worden, des te moeilijker het wordt om de deeltjes die vastzitten eruit te krijgen. Ondertussen ben ik al wel sneller ;-).

Later die dag was er 's avonds bier voor 1 NZD in de gezamenlijke ruimte, spotgoedkoop voor hier! Dat komt overeen met ongeveer een 60 eurocent, en het is dan gene Carapils! Leuk om wat met de andere doctoraatsstudenten te praten. Op de hele gang hier in het vulkanologie departement werken drie kiwi's , al de anderen zijn internationaal. Vooral Europa en Zuid-Amerika. Karoly suggereerde al, België zou goed zijn om ons team aan te vullen.
Die avond werkte ik mijn eerste avond in The Grand. We hebben livemuziek do, vr en zaterdag. Shelly en Toni, de collega's waarmee ik de dag ervoor al had samengewerkt, hadden ondertussen een naam voor mij bedacht. Aangezien er al een andere Ann was, werd ik ''Belgy'' genoemd.Pitch, de buitenwipper, stelde zich voor als ''not with a b''. Die eerste avond was ik serieus onder de indruk, man zoveel mensen rond 40-50 jaar superchique opgekleed en suuuuper zat. Maar dat is wel grappig om als nuchtere mens naar te kijken, tegen de late avond dans iedereen op de live muziek. Bier wordt wel verkocht, maar toch vooral sterke drank mixen, en zeker des te later het wordt op de avond. Er waren ook enkele mannen waarvan er een met mij wou dansen. Hij showde zelfs zijn spieren om mij te overtuigen (serieus indrukwekkend wel) maar ik ben toch maar schoon achter de bar gebleven. Was wel genoeg voor Toni om hem 'my muscle man' te noemen ;).

De volgende avond werkte ik opnieuw in the Grand, en my muscle man was er weer. Dit keer kwam hij vragen of ik een lief had, gevolgd door de vraag om same te dansen, maar even niet reageren was genoeg om hem nadien te zien vertrekken met een veel oudere vrouw. Het was opnieuw niet zo druk, en goed om ingewerkt te geraken. Ondertussen wat lachen met de zeer sympathieke klanten. Zo was er iemand aan het doen alsof het bancontact machien een telefoon was! :D Met de livemuziek is het niet altijd even gemakkelijk om ze te verstaan, zeker met het kiwi gemompel. Maar dat kan je soms ook in je voordeel gebruiken, wanneer een oude zatte man kwam vragen om te dansen, was het een goede truuc om te doen alsof k hem niet verstond (wie had gedacht dat mijn mopje nog handig zou zijn! :D)

Die maandag was het opnieuw zeven geblazen op de universiteit. Terwijl ik bezig was kwam Adam (Engeland) zeggen dat hij de volgende dag met Rafael (Zuid-Amerika) naar Mount Taranaki zou gaan om as te verzamelen. De volgende morgen pikten ze mij dus op en waren we onderweg naar Mount Taranaki, een vulkaan aan de westkust. Een goede week voordien waren hier nog mensen op gestorven, aangezien die zo blootgesteld is aan de inkomende wind en weersystemen en condities plots kunnen veranderen. Wij gingen echter maar tot op de hoogste plaats de je met de auto kon bereiken. Toen we op weg waren kon je de vulkaan nog goed zien, maar tegen dat we daar waren was de hele vulkaan in wolken bedekt, we zagen er niets meer van. Het was wel superinteressant om wat uitleg te krijgen. Rafael is een geoloog en doet zijn doctoraat over Mount Taranaki. Hij kon mij dus laten zien hoe je door gewoon naar lagen en stenen te kijken kan zien wat voor uitbarsting het was en hoelang er tussen twee uitbarstingen zat. Waar ik in België nooit veel geïnteresseerd was in Geologie, vond ik dit wel ongelofelijk interessant. Het leeft hier allemaal zoveel meer. Eens we twee bakken hadden volgeschupt met as voor Adam vertrokken we terug. Onderweg voelde ik mij zowat op excursie, warme, comfortabele plaats, biedt niet veel andere opties dan in slaap vallen :D.

De rest van de week werkte ik wat op de universiteit. Tijdens deze week deed Eric (Frans) een superinteressant en impressionant experiment. Ze hebben een hangar waarin een grote proefopstelling staat van en goede twintigtalmeter hoog waarmee ze pyroklastische stromingen simuleren. Het enigste in de hele wereld waarbij ze de hoek van de helling kunnen veranderen. Het experiment zelf duurt maar 5 seconden, as valt naar beneden en ze kijken hoe het zich gedraagt, maar wel zeer indrukwekkend om te zien.
Vrijdag en zaterdagavond werkte ik opnieuw in the grand. Aangezien ik hier nog niet veel mensen ken voelt dit voor mij als iets gaan drinken. Ik begon nu ook al sommige vaste klanten te kennen. Muscle man hebben we niet meer gezien dit weekend.
Morgen, maandag, ga ik met Eric naar de vulkanen waar ik werkte in het skigebied, om nieuw as te verzamelen voor zijn volgend experiment. Zal zeer interessant zijn om de vulkanen terug te zien, een goede maand later, en opnieuw wat meer info te krijgen.

Hier in Palmy heb ik het gevoel dat ik me even thuis ga voelen. Ik heb hier mijn eigen kamer in een huis, en enkele jobs. Maar het is hier wel veel moeilijker om mensen te leren kennen waarmee je iets kan doen buiten je uren. De meeste mensen die ik hier leer kennen wonen hier al langer, dus dat is anders in vergelijking met het skigebied. Maar de mensen op de jobs zijn allemaal supersympathiek dus dat zal hopelijk wel komen. Ik heb ook een volleybalclub gevonden waar ik maandagavond eens mee ga proberen. Want ik mis alles waaraan ik gewoon ben, en vooral jullie, wel. Maar ik weet dat ik dit waarschijnlijk maar een keer doe, en ik weet dat ik terugkom (7 juli voorlopig) dus dat maakt het mogelijk voor mij er hier elk moment van te genieten. Ik hoor ook wel graag updates hoe het thuis is :-)  hierbij een oproep dus! (En zo weet ik ineens wie de doorzetters zijn ;-)).

 Deze week zal ik ook training krijgen voor het werken in het magazijn op zondag. Ik blijf hier tot begin januari, zodat ik een goede twee maand tijd heb om hier veel ervaring op te doen (en centjes te verdienen). Nadien ga ik dan, eindelijk, naar het Zuideiland! Wanneer ik dan doorreis naar Australië zal hiervan afhankelijk zijn. Nieuw-Zeeland is ongelofelijk, en ik wil hier niet vertrekken voor ik voel dat ik alles gedaan heb. Mijn tijd in Australië en vooral Maleisië/Indonesië zal hiervoor moeten inboeten indien nodig, maar de prioriteit ligt voor mij bij Nieuw-Zeeland.

Tot de volgende! 

donderdag 7 november 2013

Whakapapa en het gevolg


Hi there! 

Ondertussen ben ik vertrokken uit het skigebied, heb een goede maand rondgereisd en nu ben ik alweer aan een nieuwe job begonnen. Hoog tijd om jullie nog eens te updaten dus, maar een waarschuwing: ik heb veel te vertellen ;-). Om het jullie wat gemakkelijker te maken heb ik het opgesplitst in twee blogs, een tweede is dus onderweg! 

Tijdens mijn tijd in het skigebied, Whakapapa, was er het bal voor staff. Ik dacht, oh leuk zo is een ander feestje dan we hier gewoon zijn. Het thema was wild west. Nu ja degene die mij hebben zien vertrekken met mij rugzak zullen alvast we dorgehad hebben dat daarin geen plaats was voor galakleren en schoenen. Maar ik had nu mijn eigen auto dus ging ik naar de dichtstbijzijnde stad is kijken in de tweedehandswinkel. Ik kwam eraan en vroeg waar ik moest zijn voor kledingwinkels en ik werd doorverwezen naar een straat. Eens daar besefte ik dat zelfs Broechem en Ranst tesamen een betere optie zijn. De tweedehandswinkel besliste ook zelf of en wanneer die opengaat, en net op die dag had hij er jammer genoeg niet veel zin in. Mijn  enige opties waren een 2 dollar shop of een dure - behoorlijke leeftijd- jurken shop. Met lege handen terug naar huis, maar gelukkig konden de andere meisjes mij deponeren. Het thema Wildwest hadden we niet helemaal mee, maar goed we zagen er wel chique uit! Leuke avond, goed eten, en leuke inkleding - met een echt paard binnen!
Wild - West bal in het skigebied

Ondertussen was ik nog steeds aan het werken in Knoll Ridge- af en toe eens in het café beneden. Het normale leven in Staffies ging vrolijk door, werken overdag, eten als je thuiskomt, nog wat rondhangen met de vrienden savonds, op tijd en stond eens een feestje en activiteiten doen of uitrusten op de vrije dagen. Met mijn verjaardag had ik flessen cava gekocht, ik had geluk wat het was donderdag -payday, dus feestje in the ho! Dit was zo ongeveer het laatste met alle staff members, want ondertussen begonnen er meer en meer te vertrekken. Voor het feestje hadden we afgesproken met vrienden in National Parc - daar aangekomen lagen er ballonnen voor mijn verjaardag, en van die glow in the dark sticks die ik moest omvormen tot een pet en dan de hele avond moest ophouden natuurlijk. We hadden op voorhand al beslist dat we allemaal zouden blijven slapen in National Parc zodat we geen bobs nodig hadden. Goed gevierd hebben we zeker en vast gedaan!

We waren al langer bezig geweest over skydiven, en we hadden met een paar vrijaf die vrijdag (speciaal gevraagd, op mijn verjaardag). Die ochtend had ik stiekem gehoopt dat de andere twee het vergeten waren - maar Juan was me voor en had al gebeld, ze zeiden dat we best zo snel mogelijk kwamen. Mijn zenuwen en de resten van het feestje de avond voordien waren nog aan het twijfelen, maar ik wist dat als ik het wou doen - het dan moest gebeuren. Dus zo geschiedde dat we met z'n drieën op weg waren naar Taupo, klaar om te gaan skydiven. Vlak voor we het gebouw ingingen waren mijn handen behoorlijk klammig, maar vanaf dan ging alles in een stroomversnelling. Ze legden ons uit wat de opties waren, beslissen, een papier tekenen (betalen doe je pas achteraf - als je het overleefd hebt) en hupla het pak is al aan. We hadden besloten om voor de hoogste gegaan - in de veronderstelling - voor deze ene keer. Ik had een Zuid-Afrikaanse instructeur, toch een beetje Nederlands ook, hoewel toch alles in het Engels gebeurde :-). Toen hij begon "Het is mijn eerste keer, dus ik ben wat zenuwachtig, maar jij weet wel hoe het moet?" en"Er is nog iets mis met uw harnas maar dat fixen we later wel" voelde ik mij drect veilig, bij een grapjas. Na een korte instructievideo waren we weg het vliegtuig in. Supermooi weer die dag, en wonder boven wonder was alles ok in het vliegtuig, tot het moment dat ze de deur opendeden. Maar veel tijd om te beseffen wat er gebeurde had ik niet, want tegen dan was ik al aan het vallen. Ik kan niet beschrijven wat er door mij heen ging de eerste seconden, maar vanaf dat de instructeur op mijn schouders tikte om mijn armen te spreiden en we met 200 km/h naar beneden vielen kon ik niets anders doen dan genieten. Wat een zalig gevoel, ik voelde me zelfs veilig. Terwijl ik dacht dat een minuut vrijeval een eeuwigheid zou lijken, was het veel te snel tijd voor het openen van de parachute. Ik had nooit gedacht dat ik dit zou doen, aangezien ik toch wat hoogtevrees heb, maar wauuw het was het waard. En - ik zou het graag nog doen! Ik heb al sinds kindaf willen vliegen, zoals in die ene strip van Jommeke en dit gaf me zoveel vrijheid! Nadien goed gelachen met elkanders videos, ik heb nooit mijn mond gesloten omdat het moelijk was te ademen, maar dat leidt dus tot hilarische taferelen:-) . 's Avonds aangekomen in Staffies, kreeg ik een verjaardagstaartje met kaarsen om uit te blazen, en nog een boek van Nieuw-Zeeland en een thermos! Nadien gingen we nog eens terug naar national parc voor pannenkoeken, en opnieuw ballonnen. Mijn vrienden hier hebben er veel aan gedaan om mijn verjaardag speciaal te maken - bedakt! Later die week kreeg ik nog een hoofdband met de Begische vlag, was hier de mode om daarmee rond  lopen. Bangelijke cadeau, kan ik met trots de belgische driekleur laten zien overal!

Skydiven, vliegen! 

Het weer in het skigebied was allesbealve denderend, we hadden vaak veel wind - en het ergste -regen. Het skigebied was gesloten voor 8 dagen in een rij op een bepaald moment. Happy Vally, het beginnersgebied werd gesloten, en het was niet meer mogelijk om tot aan het basiscafé te skiën. Doordat er minder klanten waren, kregen we vaker 1 hr lunchbreaks of zelfs 2 hr ridebreaks, waarbij we dan mochten gaan snowboarden/skiën. Tegen het einde aan werd de sneeuw wel van slechtere kwaliteit, heel veel pap, en zelfs bulten pap pistes met rotsen ertussen dat het niet meer altijd zo geweldig was om te gaan (Een van de pistes noemde niet voor niets ‘rockgarden’). Tegen die tijd begon het bedrijf ook mensen hun contract in te korten want ze hadden niet meer al hun personeel nodig. Mijn contract liep tot 20 oktober, maar al mijn vrienden vertrokken rond 5/6 oktober en gingen dan nog even samen reizen. Ondertussen kreeg ik ook het gevoel dat ik daar mijn tijd aan het verdoen was, als het skigbied zo vaak gesloten is valt er niet echt geld te verdienen, en je weet elke keer pas ‘s ochtends of je gaat werken of niet. Alle dingen dichtbij hadden we al gedaan, dus dan zit je daar wat vast. Toen ik dus wou gaan vragen of ik vroeger kon stoppen zei mijn manager mij dat mijn contract vroeger zou stoppen, 5 oktober. Perfect dus, met al mijn vrienden.

Nu de beslissing was gevallen dat ik vroeger zou vertrekken waren er wel nog enkele dingen die ik wou doen. De Tongariro Alpince Crossing, een zeer bekende wandeling, omschreven als 1 van de beste 1-dagswandelingen ter wereld liep daar door het Nationaal Park. Samen met een vriendin hadden we onze dag vrijaf zo geregeld dat we op een dag met mooi weer zouden kunnen gaan. De wandeling loopt tussen enkele vulkanen door, Mount Nguaroehoe (alias Mount Doom), Mount Tongariro en nog een kleinere vulkaan. Toen wij er waren was er nog sneeuw op de top wat het nog eens zo mooi maakte. In het midden van de wandeling kwam er stoom (en stank ;-)) van de vulkaan. We zagen prachtige esmerald meren, een nog nastomende vulkaan van de uitbarsting in 2011, supermooie uitzichten, regenwoud, .. Een top dag, zeven uur wandelen, maar achter elke hoek was er telkens weer iets anders te zien, ongelofelijk.


Tongariro Alpine Crossing - uitzicht op Mount Nguaroehoe, ook wel gekend als Mount Doom 
Tongariro Alpine Crossing - Uitzicht richting de andere kant vanop de South Crater
Tongariro Alpine Crossing - Esmerald lakes
Tongariro Alpine Crossing - Blue lake 

Zo was er ook nog de Tongariro falls track, vertrok vlak aan de staff accomodatie, maar ik had het nog niet gedaan. Ondertussen was het ook beter weer, en nadat we gedaan hadden met werken was het de gewoonte een pintje te drnken op het terras. Toen niemand mee wou wandelen was ik bijna niet gegaan, maar alleen wandelen viel best mee. De watervallen waren zeer indrukwekkend, en prachtige uitzichten over alle vulkanen, perfect om mijn laatste dagen daar af te sluiten.

Taranaki Falls 

Uitzicht over Mount Nguaroehoe en Mount Tongariro vanop de Taranaki falls track - tussen de twee vulkanen liep de Tongariro Alpine Crossing 
Uitzicht over Mount Ruapehu vanop de Taranaki falls track 
Die vrijdag, 5 oktober was het mijn laatste dag, en de volgende dag vertrokken we met heel wat (vooral Europeanen) richting Raglan, een surfdorp in het westen van Nieuw-Zeeland. Ik nam twee Zweedse ski instructoren mee in mijn auto, ineens een test hoeveel bagage Smoky kon vervoeren, best veel! :-)  Raglan straalt surf uit, palmbomen op straat, geen McDonalds en grote ketens, een 'volcom lane', en stranden met hoge golven natuurlijk! De volgende dag was het tijd voor de eerste surfles, we konden goedkoop materiaal huren in de hostel waar we verbleven, en na het vastmaken van onze surfboards op de auto's waren we ermee weg. Lenie, die het surfen al beheersde, gaf ons een korte uitleg en hop het water in om het zelf te proberen. De golven waren echt behoorlijk hoog, en omdat we beginners waren hadde we grote planken. Met de grote plank en de golven was ik meer bezig in het begin om golven te ontwijken en mijn eigen plank niet in mijn gezicht te krijgen dan dat ik echt kon proberen te surfen. Vele andere ski instructoren konden rechtstaan na de eerste dag, ik niet, maar ik had me toch ook geamuseerd! Met mijn goed evenwicht werd ik vaak al van de plank gegooid door de kracht van de golf, nog voor ik kon proberen recht te staan ;-). Nadien konden we allemaal samen in de hottub in de hostel, zalig om te ontspannen. We sloten de dag af met naar Whale Bay te gaan, het surfbeach voor de meer gevorderden, met zonsondergang. De volgende dag gingen we opnieuw surfen, een tweede poging. Nadat ik op een bepaald moment toch wel wat gefrustreerd geraakte dat iedereen kon rechtstaan en het mij maar niet lukte, gebeurde het dan toch, in plaats van op mijn kniën te zitten stond ik recht op mijn plank! Na opnieuw een jacuzzi was het Lenie, Dennis en Nicole hun laatste avond al. Het was een komen en gaan van mensen vanuit Whakapapaa in Raglan, sommigen kwamen die dag pas aan terwijl andere vertrokken. De volgende dag gingen we voor de derde dag op rij surfen, dit keer waren eropnieuw beginnelingen bij, zj die net wen uitgekomen. Tegen het einde stond ik opnieuw recht op de plank, ik ben zeker en vast niet de beste surfer, maar ik vind het wel leuk in het water te vertoeven. En oefening baart kunst he ;-).
De pro's in Whale Bay 
Surfen in Raglan - Ngarunui beach 










De volgende dag had ik al voor mezelf uitgemaakt dat ik een dag niet zou surfen, het was ook aan het stormen, dus ook de rest ging niet. Ik zeg al altijd, ik wil eens naar de zee als het stormt, dus eens ik mijn metgezellen had gevonden gingen we eens kijken op alle stranden. Zalig, zo wild! In de namiddag gingen we naar de watervallen , 80 m drop, zeer indrukwekkend!


Storm op zee in Manu Bay
Bridal Veil Falls in Raglan - 80 m drop 
De volgende dag, donderdag was het tijd om Raglan te verlaten voor ons. We lieten enkele vrienden achter en met z'n drieën, Jani, Fins, Juan, Spaans en ik, Belgisch ;-) gingen we naar de Coromandel, twee andere vrienden achterna Noach, Hollander en Aga, Pools. Met hun gingen we enkele dagen samen reizen. Zij waren een dag vroeger vertrokken vanuit Raglan dan wij, dus toen wij in de Coromandel aankwamen waren zij al de Pinnacles aan het doen, een andere beroemde wandeling. Ze zeiden ons dat het weer de volgende dag niet goed zou zijn, dus dat we het beste die dag nog vertrokken als we die wandeling ook wilden doen, er was een hut boven dus daarin zouden we kunnen slapen. Er waren enkel bedden beschikbaar dus we moesten slaapgerief en eten meenemen. De jongens besloten geen slaapzak mee te nemen, één nam zijn handdoek mee, de andere een overtrek. De wandeling nar de top ging enkel omhoog, het was een oude weg gebruikt door paarden die materiaal aanbrachten voor de werkers boven die bomen omkapten. Boven aan de hut was het nog een goede 45 min tot de top van de Pinnacles (via ladders, ijzers) tot ongeveer 900 meter hoogte. Indrukwekkend, weer een ander landschap. Tegen dat we daar waren was de wind komen opzetten met de bijhorende wolken, rustig wachten voor zonsondergang zat er dus niet in. Een beetje verkleumd kwamen we terug aan in de hut, waar ik al snel besefte dat het een goede beslissing was geweest van mij om toch een slaapzak mee te nemen. In de hut was nog een Nieuw-Zeelandse familie, met 6/7 kinderen en twee ouders, ik was echt onder de indruk van wat die allemaal bijhadden en hoe die dat boven hadden gekregen. En wat een zalig idee, om zoiets als familieweekend te doen, in 1 van die hutten gaan slapen. We kregen zelfs nog warme chocomelk aangeboden! Dan de nacht in, met mijn slaapzak die tot 15 graden gaat was het toch het beste om met al mijn kleren aan te slapen, maar elke keer als ik dacht: '' ooh het is koud'', dacht ik, niet klagen Ann, denk aan de jongens! De volgende morgen waren we dan ook redelijk vroeg op de terugweg naar beneden, en weer een nieuw verhaal erbij!


The Pinnacles in de Coromandel 
Nadat we op een camping een pitstop maakten voor een warme douche waren we op weg naar het noordelijk tipje van de Coromandel, Port Jackson. Op weg naar hier liep de weg langs de kust, super mooi, en wanneer de weg op een bepaald momet overschakelt van asfalt naar gravel besef je dat je naar 'the middle of nowhere' gaat. De weg hiernaartoe was ongelofelijk, kliffen, stranden, bomen die precies getekend zijn, ... Dit alles werd dan eens zo goed in de camping waar we gingen verblijven, vlak aan het strand. Meteen ook een goede test voor de tent, want wind was volop aanwezig! De volgende dag gingen we de coastal walkway doen, die liep langs het noordelijk topje van de Coromandel. Het weer was ons terug goed gezind, en we werden nogmaals beloond met adembenemende uitzichten. We besloten nog een nacht langer in Port Jackson te blijven omdat we het er zo mooi vonden.
Coastal walkway in Port Jackson - noordelijk tipje van de Coromandel 
De volgende dag ging onze roadtrip verder, eerst langs enkele stranden die onze vrienden hadden aangeraden. NewChums beach is niet bereikbaar met de auto, je moet erheen wandelen voor een twintigtal minuten, door het water over de stenen en tenslotte door de jungle. Maar het is het waard, eens daar aangekomen voelde we ons precies alsof we in Zuidoost-Azie waren, verlaten strand met grote rotsen in de zee, zo rustig!

New Chums Beach
Nadien gingen we op weg naar een van de meest toeristische plaatsen in de coromandel, cathedral cove (met een groot gat in een rots) behoorlijk spectaculair toch wel!

Cathedral Cove Jumping - het volledige reisgezelschap vlnr Noach, Jani, Juan, Aga, Ann 
Cathedral Cove
Hot Water Beach
Op weg naar de volgende toeristische attractie, hot water beach. je moet hier naartoe komen in hoogtij, als de zee begint terug te trekken, dan pak je gewoon een schup, graaf je je eigen bad en je hebt je persoolijke hot tub. Temperatuur is afhankelijk van waar je graaft. Ik had eigenlijk nog wat kou in de onze, het is heel moeilijk om diep te graven. Naast ons was een vrouw die zei da het hare heel warm was en dat we het mochten hebben.  Ik dacht jaja, heel warm dat zal wel..... ja mijne voet heeft het geweten!

Die avond zijn we nog naar een doc camping diep in het bos gereden, en de volgende dag bleek dat het en gratis nacht was, woehuuw!  Nadien een volgend zandstrand, Opotere beach, lange uitgestrekte stranden met een eiland ervoor, lijkt wel opgezet spel ;-). Op de weg uit de Coromandel zijn we nog gestopt in een gorge, waar ze vroeger zilver en goud mijnden, eens wat anders en weer een heel andere natuur, echt zot Nieuw-Zeeland.

Nadien ging onze weg voort naar Tauranga en Mount Manganui, zeer bekend omwille van het surfen. Hier pikten we ook Andrea, Italiaan op, die ons de laatste dagen ging vergezellen. We vonden een zalige camping met bbq! Ook Mount Manganui kon je opwandelen (ong. 200 m hoog), in de voormiddag was het nog hard aant stormen, maar tegen de namiddag werd het beter. Supermooi uitzicht opnieuw, met een zicht op heel de bay of plenty. Nadien nog eens goed gewassen in een hottub. Die avond was onze laatste avond tesamen, opnieuw een bbq en natafelen met bier en wijn, perfecte afsluiter. Op dat moment sliepen we met vier in de tent, lekker gezellig, ik wist dat ik de jongens ging missen!


Uitzicht vanop Mount Manganui over de Bay of Plenty met Jani en Andrea 

De volgende dag was het dan tijd voor het (toch wel wat emotionele) afscheid. Ik had de laatste weken zoveel gedaan met deze mensen, en ze waren toch echt goede vrienden geworden. Juan vertrok naar het volgend winterseizoen, in Spanje. Aga en Noach gingen werken op een van de great walks op het zuideiland, en Jani en Andrea gingen nog een maand rondreizen op het zuideiland. Ik zette Jani en Andrea nog af bij de bus, en vanaf toen was ik terug op mezelf aangewezen...